|
Leerlingen met autisme of een autisme spectrum
stoornis hebben moeite met communicatie,
sociale interactie en creatief verbeeldingsvermogen. Ze zijn over- of
ondergevoelig voor zintuiglijke
prikkels. Minder gestructureerde situaties als de speelplaats en
uitstappen kunnen angst en onzekerheid veroorzaken.
De reacties op situaties die angst en stress veroorzaken zijn voor de
schoolomgeving niet altijd gemakkelijk te begrijpen.
Autisme komt voor op alle niveaus van verstandelijk functioneren.
De intelligentie beïnvloedt wel sterk de communicatieve en compenserende
mogelijkheden.
Autisme kent een aantal kenmerken, maar elke leerling met autisme heeft
een sterk eigen profiel en vraagt een aangepaste aanpak. |
mogelijk zwakke kanten
|
mogelijk sterke kanten
|
taal en communicatie
- figuurlijke taal letterlijk nemen
- geen, weinig, of net té opdringerig oogcontact
- kunnen moeilijk op een gangbare manier contact onderhouden met
leeftijdgenoten in ongestructureerde
situaties als speeltijd
- verstaan non-verbale signalen en lichaamstaal onvoldoende
|
taal en communicatie
- goed in woordspelletjes
- vaak geestig en onderhoudend
- uitzonderlijk geheugen voor feitjes, details, cijfers, data,
namen, …
- volgen graag regels, houden van afspraken
- lezen graag fantasierijke verhalen
- denken rechtlijning
- goed in gebruiken van visuele communicatie als beeldtaal, op
maat gedetailleerde agenda’s, stappenplannen, …
|
leerstofverwerking
- abstracte termen en regeltoepassing in
wiskunde of talen
- hoofd- en bijzaken onderscheiden
- onthouden moeilijker wat hen niet interesseert
- weerstand tegen herhalende opdrachten
|
leerstofverwerking
- denken rechtlijning
- onthouden gemakkelijk zinnen en moeilijke woorden, zelfs na één
keer horen
- gemakkelijk nieuwe woorden leren, ook in vreemde talen
- sterk geheugen voor details
- interesse voor logische onderwerpen en computers
|
groepswerk en keuzeactiviteiten
- kunnen moeilijk kiezen
- moeite om rekening te houden met de groep
|
piekvaardigheden
- sterk georiënteerd op eigen interessegebieden,
daarin uitzonderlijk presteren
- bijzonder talent in muziek (absoluut gehoor) of tekenen (drie-dimensionele
voorstelling en sterke detailwaarneming)
|
organisatie en handigheid
- zelf moeilijk een ‘stappenplan’ bedenken
of stappenplannen maken die (te) veel tijd
en energie kosten
- zwakke visueel-ruimtelijke structuur
- traag en onhandig
|
sociaal-emotioneel
- sterk geheugen voor details
- erg loyaal
- sterk rechtvaardigheidsgevoel
- grote psychologische woordenschat
|
aandacht en concentratie
- snel zintuiglijk overprikkeld, zich dan volledig kunnen
afsluiten
- overgevoelig voor geluiden
- zelf storend geluid produceren in stresssituaties
- traag werktempo
|
|
aanpassingsvermogen
- moeilijkheden met overgangen en veranderingen
- last van onvoorziene en ongeplande situaties
|
|
do’s
|
don’ts
|
voor de communicatie
- Trek eerst aandacht.
- Laat afwerken waarmee hij of zij bezig.
- Zorg dat het kind je kan zien .
- Spreek het kind persoonlijk aan als een klassikale of
groepsinstructie niet door hem of haar opgevolgd wordt.
|
talige communicatie
Gebruik geen:
- figuurlijk taalgebruik zoals ‘Open je geest!’,
- dubbelzinnig taalgebruik zoals ‘Schitterend!’ terwijl de toets
slecht was,
- negatieve boodschappen en verboden zonder duidelijkheid over wat
wel moet zoals ‘Stop daarmee!’ (waarmee?),
- vage, open vragen zoals ‘Waarom doe je dat?’
- opdrachten in vraagvorm zoals ‘Kan je eens aan het bord komen?
(ja, ik kan).
|
talige communicatie
- Gebruik weinig woorden, korte zinnen.
- Geef eenduidige opdrachten.
- Vul figuurlijk taalgebruik aan met de letterlijke betekenis.
‘Was je handen in het toilet,
dus aan de wastafel bij de toiletten. ‘
- Gebruik concrete taal, dus taal waarbij je een beeld kunt zien.
- Vertraag je communicatiesnelheid.
- Geef bedenktijd; indien ze na een tijdje niet reageren, herhaal
dan letterlijk je boodschap.
|
communicatie bij conflicten en problemen
- Vragen naar ‘waarom’.
- Veel uitleg geven, lange zinnen gebruiken.
- Steunen op non-verbale taal om emotie duidelijk te maken zoals
boos kijken.
- Argumenteren om gelijk te krijgen.
- Eindeloos discussiëren.
|
organisatie van klasactiviteiten
- Organiseer individueel werk tijdens groepswerk
('working apart together'-systeem) en/of duidelijke (liefst
gevisualiseerde) rolverdeling.
- Geef eigen hoekje voor materiaal.
- Plaats in de klas van waaruit overzicht mogelijk is of met
weinig prikkels.
|
organisatie van klasactiviteiten
- Veranderingen zonder duidelijke verwittiging.
- Een sterk wisselende en onvoorspelbare organisatie.
- Te veel eigen keuzes en zelfsturend gedrag als projectwerk en
hoekenwerk.
|
structuur in communicatie
- Gebruik visuele hulpmiddelen zoals pictogrammen,
tekeningen, dagplanning, weekschema,…
- Gebruik stappenplannen en checklijsten voor complexe taken die
weerkeren.
- Spreek concreet af hoe het kind om hulp vraagt, bijvoorbeeld
vinger opsteken, kaart met ‘help’ opsteken, …
|
|
sociale activiteiten en omgeving
- Stel een buddy of een vriendgroep aan.
- Bied een afkoelplekje.
- Duid persoon aan die de leerling kan aanspreken bij conflicten.
- Structureer de speeltijd.
|
sociale activiteiten en omgeving
- Geïmproviseerde sociale activiteiten zonder gestructureerd
alternatief.
- Veel lawaai, weinig visueel overzicht, te grote fysieke
nabijheid van onbekenden.
- Groepswerk zonder duidelijke structuur.
- Lege en vrije momenten zelf laten invullen zonder hulp bij
keuze.
- Steeds meer ingaan op toenemende eisen voor individualisering.
- Beter is dat de omgeving meer structuur biedt, zodat de leerling
meer overzicht krijgt en minder door angst
overspoeld wordt
|
vakken die problemen kunnen geven:
- talen: opdrachten niet verstaan, moeite met spraakkunst
- rekenen: moeite met nieuwe leerstof en algoritmen
- muzische vakken en lichamelijke opvoeding: weinig
verbeelding, nood aan extra structuur examens en toetsen: blokkeren,
de helft niet oplossen, psychosomatische klachten
|
|
Opmerking: Alle info uit deze rubriek is
afkomstig van de gespecialiseerde site
www.letop.be .
Dit is de site van vzw Die-'s-lekti-kus. Deze vzw stelt zich tot
doel projecten i.v.m. leerstoornissen te organiseren en te ondersteunen. |